Les Jacquets

Dag 11
Cluis- Benevent L’Abbeye 81 km

Vandaag een dubbele aflevering ( dag 10 en dag 11) 🙂 . De afgelopen dagen lukte het me niet goed de blog bij te werken vanwege slechte telefoonverbindingen. Het is vandaag al dag 11!!!! In totaliteit heb ik al meer dan 1.000 km gefietst. Gaat toch sneller dan je denkt.

Vanochtend waren de wandelaars in de gite weer als eerste wakker. Om 6 uur was het al een drukte van jewelste. Het is ook onmogelijk om de uitrusting te pakken en stil te zijn. Ik ben toch nog even in bed blijven liggen. Het was nog lekker warm…

Om 7 uur ben ik opgestaan, naar de bakker gelopen en weer een vers brood gehaald. Het was vanochtend koud. Zo’n 9 graden en uiteraard regende het pijpenstelen.

Ik was nog net op tijd terug om Dominique (40jr) en Inez (26) een hand te geven. Alain, met wie ik gisteren het laatste stuk had gefietst, was inmiddels ook wakker. Samen hebben we ontbeten. Om half 9 stapte ik weer op de fiets. Alain wilde nog even de route in het boekje bekijken. Helaas zijn onze snelheden en dagafstand zo verschillend dat we niet verder samen kunnen fietsen. Ik kreeg het gisteren in de laatste 20 kilometer erg koud vanwege het lage tempo. Dat zou vandaag funest zijn geweest, want de hele ochtend en middag schommelde de temperatuur tussen de 10 en 11 graden.

Stel je daarbij voor dat het windkracht 4 waait (tegenwind uiteraard) en flink regent, dan heb je drie van de vier elementen die de dag zwaar maakten. Het vierde element, de steeds hoger wordende berg(jes) en vele hoogtemeters, was er ook bij mooi weer geweest. Ik denk dat ik zeker meer dan 1.500 hoogtemeters voor m’n kiezen heb gehad. Van de gefietste kilometers was er niet een vlak: ofwel het ging bergop, ofwel bergaf. Als je bovenop de berg kwam en dacht even te kunnen uitrusten, kreeg je de wind (inclusief regen) weer vol in de snufferd.

Een stevige kluif dus. Ook de wandelaars die ik onderweg tegenkwam en sprak, klaagden steen en been. Iedereen kortte de route in. Ik ben blij dat ik toch nog in Benevent, mijn oorspronkelijk geplande stop voor vandaag, ben aanbeland.

Ik starte met mijn gewone uitrusting, een korte fietsbroek, dikker tricot en waterdichte jas. Geen sokken in de schoenen. De waterdichte sokken waren nog niet droog aan de binnenkant. Dat krijg je als je iedere dag de was doet om weer een beetje fris aan de start te verschijnen. Halverwege heb ik de natte sokken toch maar aangetrokken in de hoop weer iets warme voeten te krijgen. Lekker soppend heb ik de weg vervolgd, maar merkte wel meteen het verschil in temperatuur….

Ik verblijf nu in een privé gite voor pelgrims in Benevent. Yves, de verhuurder, is zelf een Santiago ganger, dus hij weet waar je behoefte aan hebt. Hij is met zijn vrouw en twee ezels in 2009 naar Santiago gelopen. Noemde het zelf gekkenwerk, aangezien de Spanjaarden niet dol waren op de dieren. Volgens zijn zeggen zijn de Spanjaarden in z’n algemeenheid ook niet kapot van de Fransen. Ze liepen daarom s’nachts en sliepen overdag. Bizar.

Op de begane grond van de gite is een winkeltje met allerlei bruikbare snuisterijtjes en uiteraard veel ezel spulletjes. Zo dadelijk even neuzen.

Ik heb een halfuurtje met hem staan praten over de streek weer ik nu ben, Le Creuset. Ik kende de naam overigens alleen van de bekende geëmailleerde braadpannen ( (: ).

2 van de 3 huizen staan hier te koop en worden veelal door Engelsen en Nederlanders gekocht die op zoek zijn naar ruimte om paarden te houden of een B&B te beginnen. De mensen die hier geboren en getogen zijn, trekken weg. Hij vertelde ook, dat als je hier een huis wilt kopen, je moet beginnen met biedingen die de helft van de vraagprijs zijn. Vooral als er mensen in gewoond hebben die overleden zijn en de kinderen ver weg wonen is de kans dat je zo’n huis gegund krijgt groot!!

Hij vertelde me ook dat de pelgrims in Frankrijk ‘Les Jacquets’ worden genoemd; Een samentreksel van de naam St. Jacques. Leuk bedacht en voor vandaag in ieder geval erg toepasselijk. Ik heb namelijk best een jas uitgedaan onderweg…..

Advertenties

Les Nuits d’Amour

Dag 10

Charanton du Cher- Cluis 102km

Na een goede nachtrust (ik ging om 9 uur slapen en werd om 6.30 wakker), het weer inpakken van alle spullen, douchen etc (kost alles bij elkaar gemakkelijk 1 1/2 uur) kon ik aanschuiven bij het ontbijt van Madame Mativon. Gisterenavond had ze al lekker gekookt, al ontbrak vlees in het menu. Vooraf kreeg ik een wortelen/prei soepje met room en peterselie. Smaakte voortreffelijk, nog iets om thuis een keer uit te proberen… Als hoofdgerecht was er een kleine pizza, haricots vert en een soort van pasta met aubergines en nog van alles dat ik niet kon thuisbrengen. Lekker.. Toe was er ijs met de Franse variant van lange vingers. We zaten te eten in de keuken die wel gezellig maar niet al te schoon was. Wat maakt het uit… Het gezelschap was goed en we hebben tot een uur of half 9 zitten natafelen. Ze vertelde dat het huis in 1830 door de betovergrootvader van haar gestorven man was gebouwd. In 1850 had hij een behoorlijke lap grond aan de regering verkocht en de boerderij toen laten ombouwen tot een herenhuis. Schitterend…

Helaas kan haar dochter het huis niet overnemen. In de omgeving is geen werk te vinden. Zij moest daarom 300km verder (naar Lyon) om in het levensonderhoud te kunnen voorzien.

Ik mocht in de kamer kijken waar de oranjerie was aangebouwd. Geweldig. Stel je voor een soort van tuinkamer van een meter of 5 hoog, met onder de vensters tot op ca 1 meter hoogte een hardstenen plantenbak van ongeveer een meter breed in de ronding van de volledige uitbouw, met daarin allemaal exotische planten. De oranjerie was onderdeel van de achterkamer: je liep als het ware van de woonkamer de oase in…..

Enfin, vanochtend was het ontbijt om 8 uur klaar. Typisch frans met een croissant en drie stukjes stokbrood met diverse soorten zelfgemaakte jam. Ik had om thee gevraagd en die kreeg ik dan ook. De thee was bijzonder lekker en ik vroeg wat voor een soort thee dit was. Ze vertelde dat ze de thee al jaren kocht bij een winkeltje ergens in de buurt. De thee heette ‘bon matin’ . Ze had ook een thee die speciaal voor de avonden bestemd was, ‘les nuits d’amour’ geheten. Ik heb maar niet om een kopje gevaagd….

Om 8.30 zat ik weer op de fiets. Het regende en regende en regende de hele dag. Alleen rond een uur of 1 was het even droog en toen heb ik nog snel iets gegeten. Verder was er weer veel wind in combinatie met een heuvelachtig parcours. Pittig, maar wederom erg mooi. Ik volg nu de route die ‘oude wegen” heet. Deze komt langs 12 de eeuwse kastelen en nog oudere kerken. Fantastisch om te zien. Na ca 75 km kwam ik Alain uit Lyon tegen die de route ook fietst. De eerste pelgrim die ik tegenkom op de fiets. Hij gaat tot de Spaanse grens (St. Jean Pied de Port). Helaas hebben we verschillende tempo’s en fietst hij maximaal 60km per dag. Wel zijn we vandaag de laatste 25 km samen gefietst naar de herberg in Cluis. Ook weer zo’n goed verzorgde gelegenheid waar 6 mensen kunnen slapen. Vannacht zijn we met z’n vieren. Kosten €8,- per nacht. Zojuist hebben we samen gekookt en opgeruimd. Ik ben eerlijk gezegd (om 9 uur) langzaamaan wel weer aan mijn slaap toe. Morgen naar Benevent L’Abbeye. Zo’n 81 km. Vanaf nu moet ik de slaapgelegenheden gaan plannen, aangezien er volgens mijn medepelgrims minder mogelijkheden op de route zijn.

Aangezien het nog minimaal tot zaterdag blijft regenen ( ): ) wil ik zoveel mogelijk in de gites of refuges slapen…..

A demain!!!

Tegenwind

Dag 9 Premery – Charenton du Cher 102 km

In Premery heeft het vannacht weliswaar geregend, maar dat was binnen alle perken. De binnentent bleef droog. Zo kan het dus ook

Vanochtend vertrokken na eerst nog even goedendag tegen Anneke en Karel te hebben gezegd. Eerst bij de bakker weer een bijzonder lekker vers brood gescoord (wordt tegenwoordig ook in stukken gesneden). De route ging al snel weer bergop. Ik blijf het vervelend vinden om s ‘ochtends direct te moeten klimmen. De ene na de andere heuvel doemde weer op, maar na een kilometer of 25 werd het duidelijk vlakker. Ik reed temidden van velden met haricotverts (tenminste zo zagen ze er uit) over uitstekende wegen maar door een nagenoeg volledig verlaten gebied. De dorpen en gehuchten straalden armoede uit. Veel huizen hadden duidelijk te kampen met achterstallig onderhoud. Ook waren er veel vervallen woningen om over de gesloten winkels en hotels maar niet te praten.

Na een kilometer of 30 kwam ik in Nevers, het oorspronkelijke doel van trip van gisteren. Ik ben er op mijn gemak doorgefietst, maar ben, gezien de volle bepakking, geen dingen gaan bezichtigen. Na Nevers werd de weg vlakker en kwam ik zowaar weer aan bij een kanaal (le canal lateral de Loire) waar de voet- en fietswegen naar Santiago gelijk aan elkaar lopen. Daar trof ik een Belgische pelgrim (Herman uit Leuven) die de camino in etappes loopt. Hij was een week geleden in Vezelay gestart. We hebben effe samen staan kletsen, waarna ieder weer zijns weegs ging. Bon camino Herman!

Ik vind het altijd een verademing om langs een watertje te rijden, ook al omdat je weet dat je dan geen hoogtemeters hoeft te maken :). Apropos hoogtemeters: langzaam geef ik mijn aversie tegen de bergjes op. Weliswaar is de inspanning steeds flink, maar aangezien je zo rustig rijdt dat je de dieren om je heen kunt horen, heeft het ook weer wat. Verder gaat het fietsen bergop steeds gemakkelijker naarmate ik langer rijd.

Helaas was overigens de route langs het kanaal maar kort (een kilometer of 10), zodat ik snel al weer in het ‘normale’ landschap zat. Waren de afgelopen dagen erg mooi qua natuur en dorpen, nu was het een stuk minder. Desondanks: het fietsen ging weer lekker. Ik besloot daarop vandaag weer meer dan 100km te fietsen. Dat werd later op de dag toch nog bemoeilijkt omdat een stevige tegenwind opstak. Deze voerde overigens duidelijk warme lucht aan. Ook weer heel bijzonder om dat zo bewust mee te maken. Zo rond de 90km ben ik gaan zoeken naar een overnachtingsplek.

Aangezien de luchten steeds donker kleurden liet ik de campings waar ik langs reed voor wat het was. Uiteindelijk zit ik nu in Charenton du Cher bij een particulier lid van het Jacobsgilde. Ik was overigens net op tijd binnen, want nadat ik de fiets had gestald begon het stevig te regenen.

Het huis doet denken aan van die romantische Engelse films; Grote oprijlaan met aan de rechterzijde een uit gele natuursteen opgetrokken bijgebouw (nu de garage, maar vroeger voor dieren zo te zien) en in het midden een uit gele steen opgetrokken herenhuis met allemaal kleine raampjes en een grote groene wingerd evenals diverse rozenstruiken tegen de muren. Binnen is alles schots en scheef, met dikke grove eikenhouten vloeren en in de gang witte marmer. Oud en met heel veel charme. Ik vind het geweldig. Niet onderkomen, maar wel allemaal wat gedateerd.

De eigenaresse gaat straks voor me koken. Samen met de overnachting en het ontbijt morgenochtend kost het €30. Ben benieuwd hoe het gaat smaken. Zo dadelijk weer de route voor morgen voorbereiden. Een paar dingen heb ik onder de douche uitgewassen. Nu nog droog krijgen. Vandaag heb ik de fietsbroek, het tricot en de sokken aan de fiets gehangen om te drogen. Zo aan de blikken in de ogen van de mensen hier te zien was het behoorlijk lachwekkend…..

 

Mull of Kyntire

Dag 8 Vezelay – Premery 71 km

Gisterenavond nog een tijdje in de gezamenlijke ruimte van de herberg in Vezelay gezeten en daarna om 10 uur gaan slapen. We lagen met z’n drieën op de zaal. Jan uit Maastricht, die de camino loopt en een aardige fransman die afgelopen zondag in Fontainebleau is gestart. We spreken vooraf af hoe laat we opstaan, zodat er in ieder geval geen overlast voor de ander is. Om 6 uur vanochtend is Jan als eerste wakker en om u7 uur zit ik aan het ontbijt. Alle pelgrims komen zo voor en na binnen, kletsen nog wat en om 8 uur gaat een deel naar de kerk om de zegen te halen. Ik kies er voor om vroeg op pad te gaan.

Als ik vanuit Vezelay vertrek ligt de hele stad nog op een oor of zit in de kerk. Alleen de bakker is open, maar ik heb brood van een mede pelgrim gekregen dat over was. Aan de andere kant heb ik mijn geitenkaas restant weer aan iemand gegeven. Zo blijft niets ongebruikt.

Als ik Vezelay verlaat daal ik eerst ca 150 meter om dan vervolgens weer het heuvelachtige landschap in te rijden. Boven de bossen hangt een nevel en hier en daar zie je onderweg de rook uit de schoorsteen van een huis opstijgen. Dat geeft het landschap een beetje een mystiek karakter. In de weiden grazen schapen en koeien. Als je bergop rijdt en de wind niet om je oren fluit hoor je de koeien loeien en de schapen en lammeren met hun typisch hoge geluid blaten. Onwillekeurig schiet mij een lied van Paul Mc Cartney te binnen: Mull of Kyntire, oh mist rolling in from….. etc. Het is weer erg mooi en ik ben in mijn element. De heuvels op en af. Er moeten wel telkens flink wat hoogtemeters worden overbrugd. Ik schat dat ik er vandaag toch wel 1.000 heb gehad.

Na 35 km fietsen wordt de lucht dreigend en na 40 km zit ik midden in een dik onweer. Ik kom langs het kanaal van Nivernais, waar bij een haventje en camperplaats een toiletgebouw ligt met overdekt terras. Ik zit nauwelijks als een jonge Fransman door de regen komt aangerend en naast me gaat schuilen. We raken aan de praat en het volgend halfuur is voor beiden leuk. Hij vertelt me dat hij uit Marseille komt en hier familie heeft wonen en vraagt honderduit over de camino. Ik vertel over mijn ervaringen tot nu toe en als de regen plotseling ophoudt, gaan we weer ieder onze eigen weg, maar niet nadat we elkaar met een ferme handdruk het beste hebben gewenst. Vluchtige ontmoetingen die toch een diepe indruk maken…..

Na een kilometer of 50 begint mijn Dumoulintje weer op te spelen. Aangezien ik toch royaal voorlig op schema, besluit ik vandaag iets van 70km te fietsen om mijn achterste weer wat rust te gunnen. Om 13.30 rijdt ik de camping in Premery op. In velden en wegen geen beheerster te bekennen. Die blijkt pas rond 18.30 uur te komen. Er. Is hier evenwel een caravan speciaal voor pelgrims (kosten:2,70 per nacht!), dus ik besluit de tent nog niet op te zetten. Er wordt voor vannacht immers nog onweer verwacht.

Ik zie een Nederlandse auto staan en ga een praatje maken met de eigenaren. Het zijn Karel en Anneke uit Alkmaar die al vanaf 1 maart in Frankrijk aan het toeren zijn. Ik wordt uitgenodigd voor de koffie en we raken aan de praat. Nadat ik vervolgens nog even mijn nog steeds natte spullen ( kleding, tent, schoenen) in de zon heb gedroogd en mijn kleding van vandaag wil gaan wassen, komt Karel op me afgestapt en zegt dat ze een wasmachine bij de hand hebben en vraagt me of ik deze wil gebruiken.
Aangezien mijn sokken stinken als een natte dweil en mijn kleding ook niet meer geheel okselfris is, maak ik hier dankbaar gebruik van. Karel nodigt me ook nog uit voor de maaltijd en na een lekker verse salade en een warm groente gerecht genuttigd te hebben ( met rode wijn erbij) is het inmiddels half 7 en loop ik met Karel naar de receptie. Helaas blijkt de pelgrimscaravan al gereserveerd. Als later de Duitse pelgrims aankomen maak ik nog even een praatje en spreek met hen af dat ik (hoe is nog niet duidelijk :)), bij noodweer kan aankloppen en ergens onder een van de bedden mijn matras en luchtbed kan leggen. Ik zet mijn tentje op en als alles opstaat begint het weer te regenen. Ik zie wel weer hoe het loopt en wellicht eindig ik vannacht nog bij de Duitse pelgrims….

Het was me het dagje wel weer mijnheer Dröge!!!

Onweer

Dag 7 Chablis- Vezelay (51km en behoorlijk wat hoogtemeters)

Nadat ik gisterenavond de blog had bijgewerkt ben ik lekker gaan slapen. Content dat de fiets weer was gemaakt. Toch besloot ik om een rustdag te nemen op vrijdag, mijn name om ‘la derriere’ rust te gunnen.

Rond een uur of 2 vannacht begon het hard te waaien. Ik werd wakker van de wind, maar sliep eigenlijk weer snel in. Niet voor lang want een hevig onweer barstte los boven mijn tentje. Uiteraard met het klassieke regenpatroon; eerst zacht, zelfs een beetje aangenaam tikkend op de tent, maar vervolgens barstte het in alle hevigheid los om vervolgens tot een uur of vier aan te houden. Nu is het tentje stormvast, dus in het begin dacht ik: geen probleem, gewoon doorslapen. Langzaam vormden zich evenwel builen regen in het doek, waarvan ik wakker werd als ze mijn neus of hoofd raakten. Op dat moment maakt de buitentent contact met de binnentent en gutst het naar binnen.

Bweh. De builen van binnenuit leeggooien en weer proberen te slapen, jezelf steeds een beetje kleiner maken om in het hoge deel van de tent te blijven slapen. Op gegeven moment ben je evenwel uitverkleind en laat je het geheel maar over je heen komen. Inclusief het water.

Toch ben ik weer in slaap gevallen en rond een uur of 7 wakker geworden. Het water stond in mijn binnentent. De slaapzak en het luchtbed nat. De schoenen had ik buiten onder een afdakje gezet en uiteraard …..nat. De was (ik was iedere avond mijn fietsbroek en tricot, maar had gisteren ook nog de onderbroek, het onderhemd en de handdoek gewassen) waren uiteraard doorweekt. Lekker wakker worden.

De stoel had ik uiteraard buiten laten staan dus na het ontbijt met het lekker verse zonnebloem stokbrood (smaakt goed met pindakaas overigens) was m’n achterste vochtig. Tot overmaat van ramp begin het te regenen toen ik water aan het koken was voor de thee.

In de ontspanningsruimte ben ik toen gaan zoeken hoe de weersverwachtingen voor Chablis die dag zouden zijn. Daar werd ik niet vrolijk van. Wel van het weer iets verderop in Vezelay, dus besloot ik om de rustdag maar te laten voor wat het was. Dat was een prima keuze. In Vezelay was er rond 5 uur een stevige onweersbui, maar verder was het eigenlijk goed. Nu (21.00 uur) is het goed afgekoeld. Vannacht dus weer lekker in mijn nog natte slaapzak kruipen.

Ik had vanochtend toen ik naar de bakker fietste al gevoeld dat het met mijn achterste niet slecht ging. Dus.. Inpakken maar. Nou is het niet fijn alle spullen nat in te pakken, maar een andere mogelijkheid was er niet. Ik schat dat ik door het water in de tent en de kleding minimaal 2 kg extra bagage had. Ik hoefde maar ongeveer 50 km te fietsen, dus had er eigenlijk geen problemen mee.

Het landschap was vandaag weer heuvelachtig zoals alle andere dagen in Frankrijk. Alleen waren de wijnstokken van Chablis vervangen door onmetelijke graanvelden. Zover als het oog reikte soms. Het ging vandaag vrijwel geheel over binnenweggetjes. Er was nauwelijks verkeer. Alles ging goed en ook de lekke band (de eerste!) kon mijn humeur niet bederven. Rond 2 uur kwam ik aan in Vezelay. Hier ademt alles pelgrimage; Op de wegen naar het dorp kom je bronzen schelpen tegen en overal zie je aanbiedingen voor de pelgrims. Of het nu de winkeltjes, de hotels of de restaurants zijn. Ook is er een vestiging van het Franse St Jacques genootschap. Ik ben even gaan buurten en heb nog wat tips gekregen voor onderweg.

Ik besloot te gaan slapen in de refuge. Een schitterend middeleeuws huis met veel sfeer en alle voorzieningen. Je hoeft in principe niets te betalen, maar er wordt een zogenaamde donativo (een vrijwillige gift) gevraagd. Je mag gebruik maken van alle faciliteiten en koffie of thee en allerlei andere zaken gratis nemen. Ook is er mogelijkheid je kleding te wassen en te drogen. Mannen en vrouwen slapen gescheiden op grote schone zalen met 15 personen. Hygiene is belangrijk om de (punaises de lits = bedwantsen) buiten de deur te houden. Er slapen hier ook paters maar die begeven zich niet onder de pelgrims. We werden overigens gewaarschuwd voor een dementerende pater die hier ‘ vrij’ rondloopt en nogal wat fratsen uithaalt.

Ik ben erg blij dat ik niet weer in het tentje hoef te slapen (er is hier ook een camping) want er wordt weer onweer verwacht. De vooruitzichten zijn sowieso niet te best: tot woensdag a.s. Wordt er regen voorzien. We zullen zien. Vanochtend begon ook druilerig, maar vanmiddag heb ik me moeten insmeren. Ik heb me voor het restant van de route in Frankrijk een boek gekocht waarin ook alle herbergen en andere logementen staan. Is net iets handiger in het zoeken.

In de basiliek van Vezelay heb ik een kaars opgestoken. Was effe een emotioneel momentje. Dan merk je toch dat je los begint te komen van het ‘ normale’ leven en meer tot jezelf komt. Ook de stevige inspanning die ik toch ook weer vandaag heb moeten leveren (veel bergen en bergjes) maakt je een ander mens.

Mooi…

Dat was het voor vandaag. Tot morgen!!!!!!

Pittig dagje

Dag 6 Troyes-Chablis 81km

Vandaag was een moeilijke dag. Het begon eigenlijk heel goed; Nadat ik gisterenavond om 9 uur naar bed was gegaan en ondanks de beperkte dikte (2,5cm) van het luchtbedje tot 6 uur vanochtend had geslapen ben ik om 7 uur naar een bakkertje gaan zoeken. Die liggen in Frankrijk altijd binnen een straal van een paar kilometer, zo ook nu.

Teruggekomen op de camping heb ik het verse stokbrood gesneden en er pindakaas en jam uit mijn vanuit Nederland meegebrachte tubes gesmeerd. De tubes zijn overigens hervulbaar. Een pot kun je niet meenemen. Het glas is te zwaar en de inhoud te groot….

Dus lekker ontbeten in mijn stoeltje met een kopje thee erbij. Alles bij de hand dus. Toen ik alles ingepakt had en de tent wilde afbreken begon het flink te regenen. Tent en de uitrusting nat, Maar ja wat maakt het uit. Om iets over 9 zat ik op de fiets. De eerste twintig kilometer gingen goed, ondanks de regen schoot ik behoorlijk op.

Daarna begonnen de problemen met de achterrem. Ik kwam weer uit een modderig bos (pffff, hopenlijk het laatste) gefietst en het ging stijl naar beneden over een weg vol met stenen dus goed remmen. Onderaan de verharde weg gekomen liet ik mijn remmen los, maar helaas kwam ik nauwelijks nog vooruit. De achterrem bleek vast te zitten.

Nu heb ik alle onderdelen op de fiets zelf gemonteerd, dus weet hoe e.e.a. in elkaar zit.
Fiets aan de kant, de bepakking eraf en den remmen gecontroleerd. Wat ik ook deed, ik kreeg de rem niet helemaal van de schijf af, maar kon wel (met een schurend geluid) doorfietsen. Het terrein was vandaag ook niet bepaald vlak, dus toen ik bergop ging merkte ik dat mijn benen meer moeite moesten doen dan de afgelopen dagen. De hoogtemeter op het horloge aangezet en gecontroleerd hoe het stijgingspercentage van de berg was, maar dat viel eigenlijk redelijk mee. Ik merkte pas echt dat de weerstand van de rem veel groter was dan ik dacht toen ik naar beneden fietste. Om een beetje vaart te maken moest ik meetrappen…

Na in totaliteit 30 km te hebben gefietst, heb ik de fiets weer afgepakt. Deze keer helemaal, zodat ik hem omgekeerd kon bekijken. Ik zag niets vreemds. Uiteindelijk alles maar weer in elkaar gezet en doorgefietst, maar het probleem bleef. Eigenlijk was het niet te doen. Gisteren had ik om 1 uur al 100km gefietst, vandaag pas 50. Natuurlijk iets later vertrokken en diverse malen stilgestaan, maar toch.

Ondertussen bleven de bergen voor me opglooien. Uiteindelijk ben ik doorgefietst tot in Chablis, in totaliteit zo’n 81km, waar ik nu op de camping sta. De achterrem (hydraulische schijfrem) heb ik op de camping helemaal uit elkaar gedraaid en uiteindelijk het probleem gevonden. Alles weer in elkaar gezet en nu functioneert het gelukkig weer. Als het niet was gelukt was ik morgen op zoek gegaan naar een Decathlon in de buurt!!!!

Mijn benen doen wel zeer. Mijn achterste, dat al een paar dagen zwaar protesteert, voelt pijnlijk. Niemand in de buurt om het in te smeren!

Wellicht is het ook de vermoeidheid van de inspanningen van de afgelopen dagen die er uit komt. Morgen een tocht van 47km tot in Vezelay. Lekker kort stukje dus, wel met een paar venijnige klimmetjes. Eens kijken hoe de derriere hier over denkt, anders bouw ik een rustdag in. Misschien blijf ik nog wel een dag hier, want Chablis is een erg leuk dorp. Gastvrij ook: bij aankomst op de camping kreeg ik van de beheerster een glas Chablis geschonken. Lekker en koud.

Kort na mij is een Duitse wandelaarster de camping op gekomen en samen hebben we het dagmenu (13,50) genuttigd en verhalen over de camino uitgewisseld. Zij loopt iedere 2 jaar 4 weken en is in Geldern gestart. Ik vermoed dat ze nog wel een paar jaartjes bezig is.

Het dagmenu smaakte overigens weer voortreffelijk. Vooraf croutons met niertjes, als hoofdgerecht kip met een Chablis wijn- saus en champignons, daarbij verse haricotverts en worteltjes en een lekker aardappeltje. Toe twee bolletjes ijs naar keuze met een dikke toef slagroom. Dat is weer effe beter dan gisteren toen ik een zak sla van de Aldi half leeg heb gegeten en wat kippevleugeltjes heb opgewarmt. De mie heb ik niet meer gekookt. Zo droog eten zonder sausje vond ik geen aantrekkelijk vooruitzicht.

Ondanks alles heb ik, als ik terugkijk op de dag, toch ook wel weer genoten. Ik reed het grootste deel van de dag in het Teletubbie landschap, maar deze keer met korenvelden. Soms zag je korenvelden zo ver als je kon kijken, vaak alleen onderbroken door een rij bomen of een gehuchtje. Aan de zomen van de velden stonden donkerrode klaprozen en felblauwe korenbloemen.  Wel was het tamelijk leeg op de straten. Nagenoeg geen verkeer en in de dorpen leek het af en toe uitgestorven.

Morgen nieuwe ronde, nieuwe kansen. Bonne nuit.

Swiebertje

Dag 5 Montmort Lucy – Troyes 100km
Super weer!

Geweldig al jullie reacties!!! Dat doet me goed en helpt me door de zwaardere momenten heen al heb ik die vandaag bijna niet gehad (op een pijnlijk achterste na dan). Het is alleen niet altijd gemakkelijk te reageren aangezien wifi in Frankrijk geen gemeengoed is.

Gelukkig geen problemen vandaag. Wel weer leuke ervaringen uiteraard!

Gisterenavond ben ik na het eten vroeg gaan slapen. Apropos eten: wederom een perfect drie gangen menu. Vooraf allerlei koude salades, hoofdkaas (huidvleisch) en rauwe tomaten. Ik durf het bijna niet te zeggen, maar voor het eerst in mijn leven heb ik rauwe tomaten gegeten en vond ze nog lekker ook!!! Als hoofgerecht aardappelpuree met nog iets uit de friturepan (leek op een visstick maar smaakte naar aardappel) met drie varkensfiletjes en een heerlijke bruine saus. Toe nog een flink stuk manderijnentaart. Ik kon geen boe of bah meer zeggen. Dat alles voor 13,50, wederom inclusief koud water. Je vraagt je af hoe de mensen daarvan kunnen leven. In het hele restaurant zaten nog 4 andere gasten. Er konden er denk ik wel 100 zitten.

Daarna in de bar (alleen daar was uiteraard wifi) nog even de route en een overnachtingsplek voor vandaag uitgezocht om vervolgens te gaan slapen in het hotel waar de jaren stil hebben gestaan. Het interieur is zeker van voor 1960. Overal waar je kijkt, zie je vloerbedekking: Hele dunne vloerbedekking tegen de muur. Op de vloer natuurlijk en op de badkamer, hoewel dat ook iets anders zou kunnen zijn geweest. Met de slippers aan heb je er in ieder geval geen last van. Het bed was schoon en lekker hard, dus mij hoor je voor die 38,- niet klagen. De kamer was overigens 60,- maar ongevraagd kreeg ik korting. De schelp van St. Jacques… Ik denk dat ik die in het vervolg altijd mee op vakantie neem 🙂

Vanochtend vroeg op (6.15) en mijn hele rommeltje weer in de fietstassen gepakt. Dat is een heel werk iedere keer. Ik heb bijvoorbeeld al mijn kleren in een dry-bag zitten. Als ik iets aan wil doen is dat meestal iets dat onderop ligt. Je kent het wel. Alles er uit en weer netjes erin doen. Want deze drybag gebruik ik, met een kussensloop er om, ook als kussen. Vannacht bijvoorbeeld in de tent of in de gites. Ik kan geen donzen kussen op de fiets meenemen. Teveel volume…

Ook alle electronica nog even opgeladen en na een prima ontbijt (nog warme croissant en dito chocoladebroodje, 3 stukken stokbrood, yoghurt en thee of koffie zoveel als je wilt) werd ook nog de thermosfles met thee gevuld. Gratis.

Om 8.15 zat ik op de fiets. De eerste 20 kilometer reed ik over een drukke weg met veel vrachtverkeer. Prettig overigens dat de Fransen ruim inhalen en zelfs achter je blijven als er een tegenligger komt. Als een vrachtwagen voorbij komt heb je mazzel: de zuigkracht is zo groot dat het lijkt of je trapondersteuning hebt. Dan ga je vanzelf de berg op. Die bergen werden overigens steeds platter. Langzaam liep de glooiing eruit. Ik kon aan het het aantal hoogtemeters (van 60 per berg naar 50, 40 enz) en aan mijn benen natuurlijk, merken dat ik de Champagnestreek verliet. Overigens heb je alleen in het zuidelijk deel van de Champagne (vanaf Reims) veel wijnbouw. Daarboven is er met name bosbouw en die trekken hele diepe sleuven in de bospaden 😦

In de buurt van Sezanne was het landschap vlak. Daar deed zich ook het Swiebertje moment voor; Ik had vanochtend al diverse wegafsluitingen genegeerd, ook al omdat de eerste keer de wegenbouwers me ‘ bon courage’ wensten en volstrekt geen probleem hadden met een fietser die dwars door hun werk reed. Op enig moment moest ik een brug over die afgesloten was. Op de navigatie gezocht naar alternatieven, maar dat kostte me ongeveer 10km extra en daar had mijn zitvlak toen al geen zin meer in. Dus de hekken en de kant en rustig fietsend de weg op. Totdat ik hem zag. De moderne uitvoering van Bromsnor. Je kunt je er wel iets bij voorstellen: Breedgeschouderde fransoos met opvallend oranje pak, helm en een zwarte moustache om u tegen te zeggen en een ietwat norse blik, stond in de mobilofoon te praten en kwam op me af gelopen. Duidelijk een belangrijk iemand als je over de brug wilde! Ik was me al weer aan aan het voorbereiden op een Swiebertje smoes, toen hij naar de Jacobsschelp wees en honderduit tegen me begon te vertellen. HIj bleek bekend met de symbolen en vond het geweldig dat iemand zo’n tocht ondernam. Natuurlijk mocht ik door als ik maar aan de kant bleef, want de weg was net getard en dat zou aan mijn banden blijven plakken. Achter mij zette hij de hekken weer keurig netjes terug op hun plaats. Pfoe. Scheelde weer een halfuurtje rijden.

Na Bromsnor kwam ik bij een zogenaamde voie verte (de Haute Seine in dit geval). Ik wist van dag 2 dat dit wel eens een heel mooie route zou kunnen worden. En zo was het ook. Ik reed een kilometer of 40 langs het kanaal de L’Aube. Kraakhelder water waar ik de vissen kon zien zwemmen. Schitterend fietspad van het type snelweg, dus ik schoot behoorlijk op (ik was net na 13 uur in Troyes). Ik heb een paar keer ingehouden om naar de dieren te kijken. Zwanen die gekoppeld over het water glijden en eendenkoppeltjes. Gelukkig geen ganzen zoals in Belgie, want die waren behoorlijk agressief in het verdedigen van hun jongen. Een keer schoot een grote roofvogel voor me door (op 1 meter afstand) en een keer heb ik op een meter of 100 een jong reetje op het fietspad zien staan. Ik remde voorzichtig af. Hoog op de poten stond het dier daar. Het bleef een poosje naar me kijken om dan vervolgens op enig moment onzichtbaar in de bebossing te verdwijnen. Schitterend….

Af en toe een visser of wandelaar maar verder was er niemand op de weg.

Het fietspad eindigede zo ongeveer in Troyes, de stad waar ik nu op de camping sta. Bij aankomst begon de beheerder tegen me te praten en zei dat ik geluk had dat ik met de fiets was. De benzinestations worden in Frankrijk niet meer bevoorraad. Ik zei dat ik na dit tochtje toch ook wel wat koude brandstof kon gebruiken. Hij stond op en zette me een koud blikje bier voor. Pour vous. Later bleek overigens dat hij een Nederlander is….

Op mijn plek aangekomen komt er een camperaar naar me toe gelopen . Zij hadden al een keer in de stromende regen een pelgrim (loper) 100 km in de camper meegenomen en vertelde over de ontberingen van die man. Vervolgens kreeg ik ook weer een kopje warme thee aangeboden. Mooi toch?

Naast de camping ligt een Aldi. Daar ben ik mijn avondeten bij elkaar gaan scharrelen. Ik moet toch ook een keer aan de bak tenslotte. Vanavond kippevleugeltjes met sla en mie (iets anders kon ik zo gauw niet vinden). Ik vermoed dat ik met enige weemoed zal terugdenken aan de geweldige pelgrimsdiners van de afgelopen twee dagen….

Morgen naar Auxerre en de dag daarna naar Vezelay. Als dat lukt lig ik 1 dag voor op de planning. In Vezelay komen diverse noordelijke pelgrimsroutes bij elkaar. Vanaf daar zal het ook wel gedaan zijn met de rust onderweg, hoewel de echte caminodrukte pas in Saint Jean Pied de Port (weer 800 km na Vezelay) begint.

Bon appetit!!

Decathlon

Decathlon
Dag 4 Chateau-Porcien- Montmort-Lucy 106km

Vandaag was weer een dag vol avontuur. Ik neem jullie weer mee in de wereld van de pelgrims. Onvoorstelbaar wat er allemaal op zo’n tocht gebeurd.

Eerst zal ik nog kort iets schrijven over gisterenavond. Even voor 7 uur kwamen nog twee vrouwelijke pelgrims bij de gite aan. Anneke en Betteke uit Leiden en Utrecht. Nu moet je bij een gite niet denken dat je aparte kamers hebt of zeeen van ruimte om je heen hebt. De kamer meet 2 bij 4 en er is een stapelbed, een uitklapbed en een gewoon bed. De bedden waaren overigens van goede kwaliteit. Verder een douche en toilet. Je hoeft in Chateau-Porcien niets voor de overnachting te betalen. Gastvrijheid met een hoofdletter dus.
Voor mij was het de eerste avond met andere pelgrims in een ruimte, dus wel even wennen. De dames hadden overigens geen last van gene, dus ik ook niet.

image

Anneke en Betteke hadden de hele dag gewandeld met een echtpaar uit Roermond: Petra (hoe kan het ook anders) en Sjeng. Alle vier lopen ze de Camino in stukjes. Petra en Jan doen dat door hun camper steeds te verplaatsen om dan met bus, trein of liftend weer terug te gaan naar de plek waar ze de voorafgaande dag zijn gebleven. Het voordeel is dat je je nooit druk hoeft te maken over een slaapplek, hetgeen voor wandelaars een stuk moeilijker is dan voor fietsers. Ik kan nog tot 10 of 20 km verder fietsen als er geen plek meer is. Voor een wandelaar is dat niet te doen. Jan en Petra lopen ook met lichte bagage. Nadeel is natuurlijk het ‘ gehannes’ met het verplaatsen van de camper, want ze lopen beiden tegelijk.

Met z’n vijven hebben we samen gegeten in Café Le Longchamp die ook de gite beheert. Normaal wordt er op maandag niet gekookt, maar speciaal voor de pelgrims kon er nog wel iets worden gemaakt. We kregen een zeer smakelijk en vers 3 gangen menu voorgeschoteld. Voorgerecht: Quiche met tomaten, worst, pate, hoofgerecht: aardappeltjes met stoofvlees en zeer dun gesneden worteltjes en als toetje diverse soorten zelf gebakken taart. Toen we moesten afrekenen betaalden we pp 12,50 inclusief het water.
Vanochtend hebben we brood bij de bakker gehaald en ook dat weer in het cafe opgegeten….

Dus vol goede moed ging ik weer op weg. Lekker vroeg het bed uit en om 8.30 op de fiets. Onderweg nog Petra en Sjeng tegengekomen en even nog een babbeltje gemaakt om vervolgens vol gas richting Montmort te fietsen. Ik rij nog steeds over de via Campaniensis en wel de fietsvariant. Grotendeels over kleine weggetjes en door leuke oude dorpjes. Ik heb nu de nodige foto’s en video’s gemaakt, maar heb nog steeds problemen met het plaatsen in de blog. Vanavond weer even proberen.

Tot 11.30 ging het voorspoedig, hoewel ik na 25km op een zandweg terechtkwam die redelijk nat was. Het zand vloog me om de oren toen ik bergaf ging, maar het fietsen ging nog best redelijk. Toch is dat denk ik de oorzaak van de malheur van dat moment. Ik fietste bergop achter Reims en hoorde een krak. Ik had zoiets al eens eerder gehoord de afgelopen tijd (dit was de derde keer in 4 weken) maar voordat ik het wist en iets kon doen brak de ketting. Geen probleem dacht ik, ik heb immers alles bij me om de ketting weer te repareren, totdat ik zag dat de derailleur en het deraillerpad beiden volledig aan gort waren. Derailleurs hebben ze in Frankrijk zat, maar een derailleurpad voor een Cube frame is een ander verhaal.

Laat nu Frank van Beek me een week of 4 geleden hebben geadviseerd om een reserve pad te kopen en laat ik nu bij wijze van hoge uitzondering ook nog een keer te hebben geluisterd….. Het pad had ik dus bij me. Een miezerig klein aluminium dingetje, maar zonder kun je niet fietsen. Frank: MERCI!!!!!!

Een probleem kon ik dus wegstrepen. De ketting had ik misschien wel weer in elkaar gekregen maar de derailleur was echt volledig kasje wijlen. Je moet je voorstellen dat ik de afgelopen 200km geen plaats van betekenis ben doorgefietst. Idillische dorpjes en middeleeuwse stadjes langs de Maas en in de Champagnestreek, maar geen voorzieningen. Een (meestal kleine) supermarkt vind je her en der nog wel, maar een fietsenmaker heb ik echt niet gezioen. Daar let ik op. Niet alleen voor het geval ik pech krijg, maar vooral om in de etalage te snuffelen :).

De hele ochtend heb ik nauwelijks een mens gezien. Wel hazen, maar die speren hem het Teletubbie landschap in (glooiend, licht en donker groen, schitterend mooi) als je er aan komt. Om dan vervolgens bij een grote stad pech te krijgen is uiteraard bijzonder. De hele ochtend had ik al heuvel op en af gefietst. Voor hetzelfde geld had ik tussen de hazen in het Tinkywinky landschap voor joker gestaan. Zie dan nog maar eens ergens te komen.
Zo niet vanochtend; Ik heb een toevallig passerende mountainbiker staande gehouden (hij kon echt niet langs me. Armen en benen wijd). De man schrok een beetje, maar eenmaal bekomen vertelde hij me dat op 2 km afstand een Decathlon winkel lag. Stel je voor….

Daar naar toe gelopen en aan de fietshersteller uitgelegd dat ik een malheurtje met mijn derailleur had. Ik mocht direct naar binnen. Na de nodige aaaah’s en oooooh’s liet hij het andere werk liggen, ik kon me bij de koffieautomaat posteren en mijn brood smeren (het was inmiddels na twaalven) en hij maakte de fiets. Het padje had ik zelf, maar een nieuwe ketting, nieuwe Sram derailleur en kabel heeft hij er op gezet. Een uur later kon ik weer de wei op, me verbazend over zoveel geluk en goedheid. Ik was namelijk niet alleen erg dichtbij een winkel, maar hoefde ook maar 35,- af te rekenen. Service van de zaak. Decathlon: MERCI!!!!!!!!
Verder ging het weer over bospaden en na een halfuurtje zagen de nieuwe ketting en derailleur er al weer uit als oude spullen. Onderweg naar Montmort kwam ik door Epernay, waar aan de route toevallig een Aldi (drinken en fruit) en een autowasserette lag. Gevraagd of ik de fiets mocht schoonspuiten. Dat mocht, dus alles blinkt nu weer. Zo waren er vandaag geen problemen. Alleen maar oplossingen. De vraag is voor hoe lang…

Overigens een ding wil ik nog vermelden: Frank van Beek heeft me ook geadviseerd extra spaken onder aan het frame te plakken. Heb ik ook gedaan. Ik hoop niet dat dit de voorbode is van weer een ander probleem.

Het is nu 19.30 en het restaurant in het dorp gaat open en ik heb honger.
Bon appetit!

 

De avonturen van Quick en Flupke

Dag 3 Rocroi- Chateau-Porcien 71 km

Vroeger (misschien nu ook nog trouwens) was er een strip met de avonturen van Quick en Flupke. Twee Belgische vrienden die doldwaze avonturen beleefden waarvan er een (ik dacht Flupke) niet al te snugger was.

Vandaag voelde ik me ook Flupke. Ik ben vanochtend om 8.30 uur vol goede moed en droog vertrokken vanuit de mooie gite in Rocroi (na met wandelaar Geert ontbeten te hebben) en wilde vandaag eigenlijk naar Bazancourt fietsen, twintig kilometer verder dan waar ik nu ben.

De benen waren prima en mijn derriere die de afgelopen dagen toch wel protesteerde, was ook in orde toen ik op de fiets stapte. Gaas gaeve (gas geven) dus.

Nou is dat in dit heuvelachtige landschap (ca 1000 hoogtemeters vandaag) relatief, maar toch, de eerste kilometers vlogen zeer voorspoedig onder de wielen vandaan. Na ongeveer 20 km moest ik voor het eerst op een weg die niet verhard was. Ondanks enkele wegomleidingen (gewoon negeren) en wat gehannes met hekwerken (stonden in de weg) kon ik een paar keer redelijk met de fiets uit de voeten komen op de route die de navigatie voor me had uitgezocht. Nu is het zo dat ik de afgelopen maanden nogal in de weer ben geweest met de route en verschillende keren diverse trajecten heb vastgelegd en veranderd. Meestal verwijderde ik die dan ook weer van de Medion, maar ergens in dat proces heb ik toch een foutje gemaakt.

In ieder geval kwam ik op de alternatieve route voor de wandelaars terecht die door velden en bossen voerde. Bergop en bergaf. Zwaar, modderig en glibberig en met normale straatbanden op de fiets nauwelijks te doen. Langzaam werden de bospaden ook nog smaller en glibberiger en op gegeven moment moest ik het stalen ros verlaten en deze voortduwen. Door diepe geulen met snel stromend water lag de fiets op gegeven moment ca 30 cm in het water. Ik zelf uiteraard ook, want ik liep er naast. Glijdend en zwetend heb ik in totaliteit zo een kilometer of 5 afgelegd. Een alternatief was er niet cq ik kon het niet vinden. Vervolgens heb ik, geheel tegen het advies van de mevrouw van de navigatie, ook nog een afkorting genomen die zo waar nog blubberiger was.
Toen ik eindelijk weer verharde weg zag was ik van onder tot boven smerig. De fiets zag er niet meer uit en kraakte en schuurde van de modder en het zand toen ik er weer op stapte. Maar goed, je bent dankbaar dat je weer normaal vooruit komt. Vervolgens begon het ook nog te regenen. Aah, dat komt goed uit dacht ik, zal de fiets (en ikzelf) wel weer schoonspoelen, maar helaas , het goedje plakte en bleef plakken. Net toen ik me afvroeg hoe ik dat allemaal weer op orde kon krijgen reed ik door een dorpje en jawel: daar stond een oudere Francaise met de hoge drukspuit haar auto schoon te spuiten. Ze schrok een beetje van mijn voorkomen, maar met een vette glimlach en een beetje Frans was ze overtuigd en heeft ze de fiets schoongespoten. Geweldig toch? Vervolgens genietend van zoveel mazzel lachend in de regen weer op de fiets gestapt en verder gestoempt (scrabble woord).
Zelf ben ik bij de eerste de beste beek in het water gaan staan en heb de ergste modder van de benen en de schoenen afgespoeld. Voor mijn gevoel kon ik zo weer naar een bruiloft, maar dat bleek bij aankomst in de gite toch wel anders. Ben nog 2 uur bezig geweest met mezelf en de uitrusting te kuisen….

Door al die bergen, al of niet in de modder, had ik na 70 km weinig puf meer en heb ik in het eerste het beste dorp naar een onderkomen gezocht. Het bleek Chateau-Porcien te zijn, waar ik oorspronkelijk ook had willen overnachten. Door de extra kilometers op dag 1 had ik vandaag verder willen komen, maar het is prima zo. Ik zit in mijn eentje in een gratis gite (3 bedden, 1 douche en toilet, wat wil een pelgrim nog meer) met verwarming en stopcontacten (de verzameling electronica kan weer opgeladen worden). Tevreden, moe en voldaan.

Straks ga ik 100 meter verder in het dorp in het cafe een pelgrimsmaal nuttigen. Ben benieuwd hoe dat smaakt. Misschien kan ik met de wifi ook nog wat foto’s uploaden. Over eten gesproken trouwens: ik heb afscheid genomen van de Afrikaanse bruine bonen van dag 2 :). Ik schreef al dat mijn maag al snel na het nuttigen van deze stevige jongens in opstand kwam. Dat proces heeft zich tot een uur of 4 afgelopen nacht voortgezet. Waarschijnlijk waren ze toen pas uitgeweld….

A bientot!!

Viva la France

Vive la France, dag 2 Namur-Rocroi 110km

Vandaag vertrokken uit Namur met een beetje miezerregen. Bij een Turks bakkertje om de hoek een heerlijk wittebrood gescoord. Vervolgens ben ik langs de Maas op een bankje gaan zitten en heb met mijn tubes pindekaas en jam lekker ontbeten. Ik was misschien 4 km van het hotel in Namur verwijderd. Komt een man (Henk Mulder) de weg overgestoken die ook een schelp op zijn rugzak heeft. We raken aan de praat en ik vraag hem waar hij heeft gelogeerd. Bij de jeugdherberg voor een habbekrats met uitgebreid ontbijt……

Enfin, vol goede moed weer op weg gegaan en ondanks dat de regen met bakken uit de lucht kwam was het een geweldige route langs de Maas (Ravel 1). Na 50km bereikte ik de Franse grens (nog voor 12 uur in de ochtend) en ben ik de Voie Verte opgefietst. Als je het mij vraagt is dit de ultieme fietsersdroom. Geweldig. Ik heb een paar keer kippevel gekregen van de uitzichten die je in de vallei hebt en de ontzettend mooie oude Franse dorpjes waar je door komt. Revin spant wat dat betreft de kroon. Helaas is daar alleen een camping en regende het nog steeds pijpestelen anders was ik er wel blijven slapen….

In Revin richting Rocroi (ook een mooie plaats overigens) verlaat je de Maas en gaat het meteen bergop. Na 100km geen lolletje. De laatste 10 km waren uitgesproken zwaar. Ik heb zelfs mijn toevlucht moeten nemen tot de druivesuiker die mijn zus (dank je Annelies en Fon) me vrijdag heeft gegeven. De pijp was dan ook leeg toen ik om 15.30 in Rocroi aankwam. Gelukkig is er plek in de fantastische gites. Deze is in 2014 geopend op last van de burgemeester die vond dat de pelgrims een goed onderkomen verdienden. Daar kunnen de lokale politici in Nederland nog een voorbeeld aan nemen. Hier bepaalt de burgemeester dat het er moet komen en dan is het zo….

In het huis is ook een kookgelegenheid, dus ik heb een prutje gemaakt. Wilde rijst met bruine bonen en tonijn uit blik. De bonen heb ik gisteren gekocht in een avond winkel in Namur in een Afrikaanse winkel. Waarschijnlijk heb ik ze niet lang genoeg laten wellen, want ze waren nog behoorlijk hard. Ook krijg ik het gevoel dat ze nog nawellen in de maag, want het rommelt behoorlijk. Misschien morgen nog wat extra voorwaartse kracht. Goeie poei die Afrikaanse bruine bonen.

Morgen ga ik op weg naar Reims (weer 107 km), maar ik overweeg toch ernstig om iets minder ver te gaan. Mijn zitvlak protesteerde vandaag net iets te vaak.

Ik zit nu de tekst voor het blog te typen met tegenover mij een andere Nederlandse pelgrim Geert Bruynes die nu 3 weken te voet onderweg is. Hij kwam drijfnat aan om een uur 7 (bit.li/GlnS). Afzien vandaag voor iedereen. Van Geert heb ik nog een aantal tips en overnachtingsadressen gekregen. Hij heeft in het verleden de Camino ook al eens met een ligfiets gedaan.

Brengt mij op het idee om een keer te gaan lopen…….. 🙂
Ps foto’s volgen nog als ik weer internet heb.